header

Leraren Ontwikkel Fonds voor goed idee

INDIENEN KAN TOT 18 APRIL

Het Leraren Ontwikkel Fonds ondersteunt leraren in het PO, SO of VO met een goed initiatief over hoe het onderwijs beter kan. De deadline voor het indienen van een aanvraag is 18 april.

Andere regeling MBO

Voor leraren die werkzaam zijn in het MBO geldt een andere regeling.

Leraren Ontwikkelings Fonds

Het LOF wil de positie van leraren versterken en stimuleert het denken onder leraren over hun eigen professionalisering en de ontwikkeling van het onderwijs. Leraren worden in staat gesteld op eigen initiatief en naar eigen inzicht vorm te geven aan de versterking van hun professioneel handelen, het verbeteren van het onderwijs en het versterken van de beroepsgroep. Het LOF ondersteunt leraren met het uitwerken van hun initiatief om het onderwijs verder te ontwikkelen. Als vertegenwoordiger van de beroepsgroep ligt de organisatie en ontwikkeling van het LOF in handen van de Onderwijscoöperatie.

Aanvraag indienen

Leraren met een goed initiatief kunnen tot 18 april hun aanvraag indienen. Voor eventuele ondersteuning bij het formuleren van de aanvraag kan de leraar een beroep doen op een LOF-coach.


Microprojecten

De Educatieve Agenda Limburg wil leerkrachten ondersteunen die een idee hebben hoe ze de onderwijspraktijk zouden kunnen verbeteren. Daarom zijn micro projecten in het leven geroepen. Dit zijn kleinschalige projecten die door één of meerdere leraren worden opgezet en uitgevoerd om inzicht te krijgen of een bepaalde, innovatieve strategie of methode werkt. De microprojecten bieden leraren de (financiële) mogelijkheid om hiermee aan de slag te gaan en hun professionele ontwikkeling te koppelen aan een verbetering van de eigen onderwijspraktijk.

De wens van de leerkracht om iets in de eigen onderwijspraktijk te verbeteren is het vertrekpunt bij de micro projecten.

Hieronder staan de toegekende micro projecten kort omschreven.

Handleiding micro projecten klik hier


De tweede aanvraag ronde heeft ook plaatsgevonden en de onderstaande micro projecten zijn gestart:

TitelSectorSchoolAanvrager
Zin in lezenPOBs De LemborghMevr. E. Dopp
Overkoepelende leerarrangementenPOBs 't ValderMevr. I. Odekerken
Programmeren computational thinkingPOTalentencampus VenloMevr. L. Brunken
Gynzy Ipads in de klasPOOBS De DuizendpootMevr. L. Weeda
Versterken, Verbinden, Verdiepen en Vertrouwen .
VOCollege BroekhinDhr. M. Demandt
Firma Pro SellVOHet Kwadrant Dhr. G. Arts
Leven met en voor elkaarVOHet KwadrantDhr. T. Meuwissen
Samenwerking over en Weer(t)VOHet KwadrantMevr. T. Vollenbronck
Externe LeerlabsVODe Nieuwe ThermenMevr. n. Jacobs
GlobalandVOBCPL locatie BrandenbergDhr. Bert Hanckmann
Kleur (h)erkennen in de gehandicaptenzorg MBORoc Gilde OpleidingenDhr. H. Feyen


De onderstaande microprojecten zijn dit jaar gestart:

Titel Sector School Aanvrager
Plus klas PO bss de Driesprong Mevr. M. Wijnands-Leentjes
Executieve functies trainen en integreren in het dagelijks onderwijs PO bss 't Kirkeveldsje Mevr. I. Ubaghs
Beebot PO bss Sjtadssjool Mevr. K. van Dongen
I Duif PO OBS Binnenstad Maastricht Mevr. J. Senden en mevr. S. Rompelberg
Robots in de klas PO SBO de Blinker Mevr. I. Wiertz-Hamers
Virtual Reality VO Dendron College Dhr. M. Janssen
Muziek ontwikkelen binnen LVO VO LVO Dhr. R. Joosten
No more talking take action VO Sophanium Dhr. J. Gulpen
Het videoleerbedrijf VO Grotius College Mevr. W. van Tilburg
Junior Building Academie VO Charlemange College Mevr. N. Crapanzano
Beroepsgerichte en realistische schoolexamens Nederlands MBO Roc Gilde Opleidingen Mevr. H. de Jonge
Inspired MBO Arcus College Mevr. W. Lautenbach
Gepersonaliseerd leren, de leerling moet het tempo kunnen bepalen MBO Leeuwenborg Mevr. R. Meertens en Mevr. T. Hamers
IT security MBO Leeuwenborg Dhr. C. Vrolings
Vitaliteit MBO Leeuwenborg Mevr. A. van den Broek


Alle projecten staan hieronder toegelicht, heb je een vraag of wil je reageren op een van de micro projecten, dan kun je een reactie sturen naar info@educatieveagendalimburg.nl


Naam Micro project

Zin in Lezen

Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

Erna Dopp, Bs De Lemborgh, Stichting Triade

Wat

Hoe ga je om met de inzichten en vaardigheden die een kind al heeft verworven op het terrein van geletterdheid als het groep 3 binnen stapt? Er zijn immers grote verschillen in leesontwikkeling.

Vlot lezen en goed leesbegrip gaan hand in hand. In dit project steken leerkrachten in op het vergroten van hun eigen professionaliteit. Ze snappen dat goede lezers niet vanzelf goed worden. Ze begrijpen dat liefde voor lezen, teksten en verhalen minstens even belangrijk zijn als technische aspecten van lezen. Ook in groep 3! Niet eerst decoderen en dan pas snappen wat je leest. Leerkrachten gaan in dit project aan de slag met het ontwerpen van een passend en rijk activiteitenaanbod van lees- en schrijfactiviteiten bij de thema’s in hun groep. Het aanbod moet met name betekenisvol zijn. Door integratie van motivatie, begrip, technische aspecten en woordenschat ontstaat lezen met begrip. Zodat kinderen geboeid, gemotiveerd blijven gedurende het gehele jaar in groep 3 en zich ontwikkelen tot voortgezet technisch lezers met begrip.

Het project kent meerdere doelen. De deelnemende leerkrachten bij de kern brengen van hun handelen, zodat ze effectieve leerkrachten worden. De betrokkenheid van de kinderen én daarbij de opbrengsten en de kwaliteit van het lezen verbeteren. Enthousiasme en leren van elkaar. Expert worden in waar het echt om draait: leerkrachten en kinderen met plezier vanuit een doelgerichte aanpak in ontwikkeling brengen én houden. Iedereen op zijn eigen, rijke manier.

Hoe

Werken met het vierveldenmodel voor een evenwichtige benadering van het lezen en vormgeven van het leesaanbod met 10 bouwstenen vormen het hart van het echte vakmanschap. Niet zo maar een methodiek volgen, maar heel methodisch en goed geregisseerd bouwen aan een rijk en inspirerend lees-, schrijf-, en gespreksklimaat over boeiende kwesties en vragen van kinderen. Hierdoor ontwikkelen kinderen een onderzoekende houding die hen nieuwsgierig maakt om onder andere hun kennis van de wereld te vergroten. De leerkracht ontwikkelt zijn observatievaardigheden om aan te sluiten bij de ervaringen van kinderen en te kijken en te luisteren naar hetgeen zij boeiend vinden. Dit alles binnen langlopende thema’s waarbij de culturele werkelijkheid en de dagdagelijkse praktijk de klas wordt ingehaald. Verder wordt gezocht naar de doorgaande lijn vanuit de kleutergroepen naar groep 3 en vervolgens naar 4. Welke betekenisvolle activiteiten met betrekking tot lezen kunnen we in groep 4 vorm geven?


Naam Micro project

Overkoepelende Leerarrangementen ontwikkelen binnen het vakgebied Wereld Oriëntatie

Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

Iris Odekerken, Bs. ’t Valder, Stichting Movare

Wat

In dit project gaan we aan de slag met overkoepelende leerarrangementen. Vanuit de schoolevaluatie van de huidige methode voor zaakvakken en vanuit de schets hoe een nieuwe benadering van wereldoriëntatie op onze school er zou moeten uitzien, is de behoefte en het idee ontstaan voor overkoepelende leerarrangementen binnen het vakgebied WO. We hebben daarvoor een aantal eisen opgesteld:

• Leidend moet niet een methodeboek zijn, maar de gekozen leerweg door de kinderen van deze tijd in relatie met de kerndoelen van WO.

• Het werken binnen het leergebied van de zaakvakken moet niet in gescheiden vakgebieden maar als integrale benadering in samenhang.

  • Er moet een belangrijke plek gegeven worden aan ICT als didactische ondersteuning.
  • • De verwerking en waardering van de opbrengsten moet niet in cijfers worden gewogen, maar in een alternatieve verwerking.

    In onze toekomstige ideeën hierover kunnen we WO zo verwerken, dat een leerarrangement bestaat uit het vak natuurkunde en/of geschiedenis en/of aardrijkskunde. Dit leerarrangement voldoet dan aan de kerndoelen en is uitgerust met training in de 21e eeuwse vaardigheden. Tevens is de benadering vanuit Boeiend Onderwijs hierin verwerkt. Daarnaast willen we een verwerking vinden die op een andere manier toetst wat kinderen hebben uitgevonden en geleerd. Een alternatief voor een methodetoets waarmee sec kennis getoetst wordt. Ook hierin willen we deze 21e eeuwse vaardigheden een centrale rol geven. ICT middelen spelen hierin dus een belangrijke rol. Het uiteindelijk streefdoel is om dit idee door te ontwikkelen in een groep overstijgende schoolorganisatie.

    Hoe

    Het doel van het project is ervoor zorgen dat leerlingen vanuit intrinsieke motivatie en het anders benaderen van leersituaties (de overkoepelende leerarrangementen), meer betrokken raken en meer verantwoordelijkheid ervaren om zich te verdiepen in leerstof en daarmee betere leeropbrengsten genereren dan in een “traditionele” lesorganisatie.

    Kortom:

  • Stimuleren van intrinsieke motivatie bij kinderen om tot (anders) leren te komen.
  • Kinderen uitdagen door zelfsturend, ontdekkend te leren.
  • Kinderen leren om te gaan met 21 eeuwse vaardigheden.
  • • Kinderen leren zelf keuzes te maken en meer eigen verantwoording over hun leerproces te geven.


    Naam micro project

    Programmeren computational thinking

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    Liesbeth Brunken, Talentencampus Venlo, Stichting Fortior

    Wat

    Leerlingen zullen in de toekomst in hun dagelijks werk problemen gaan ervaren die in de nabije toekomst alleen opgelost kunnen worden als zij het vermogen hebben tot zogenaamd “computational thinking”. Ondanks het feit dat voor het aanleren van computational thinking nog geen beproefde lesmethodes dan wel geschikt lesmateriaal voor primair onderwijs voorhanden is, wil de Talentencampus Venlo heel graag met een aantal leerlingen stappen zetten die er in voorzien dat dit vermogen wordt aangeleerd. Uiteraard vergt dit inzet van kinderen alsook van leerkrachten.

    Talentencampus Venlo (TCV) wil een forse stimulans en bijdrage voor de ontwikkeling van onderzoeken en ontwerpend leren zowel bij leerkrachten als ook bij leerlingen realiseren door onder andere:

    • Onderdelen van computational thinking bij leerlingen aan te bieden o.a. door inbreng van de computermethodiek bomberbot, een methodiek die er in voorziet dat leerlingen leren hoe zij een computer opdrachten kunnen laten uitvoeren, o.a. door meer algoritmisch leren te denken en later ook toe te passen.
    • zelfstandig vraagcasussen te ontwikkelen voor leerlingen. Deze casussen dienen zodanig opgebouwd te worden dat zij deze enkel door leerlingen opgelost kunnen worden door inzet van computational thinking. De te ontwikkelen casussen zullen daarmee een beroep doen op de vaardigheden zoals;
    • Probleem formuleren, gegevens verzamelen, analyseren en visualiseren, problemen verdelen tot kleine taken, abstract denken, toepassen van algoritmes en procedures, presenteren van oplossingen.
    • Leerkrachten toe te rusten om vaardigheden en inzet van computational thinking goed bij de leerlingen weg te zetten. D.mv inzet van een onderwijskundig ICT innovator worden vaardigheden op dit gebied overgebracht. Doelstelling daarbij is dat ook leerkrachten van omliggende scholen (vijftal) kunnen participeren.
    • Regionale samenwerking te realiseren (groepsleerkrachten) die voor de verdere toekomst soortgelijken activiteiten opzetten onder de noemer computational thinking zodat meer 21ste vaardigheden aan kinderen worden aangeboden en door kinderen worden ontwikkeld. Daarmee continuïteit borgen, en deze vaardigheden inbedden in het reguliere onderwijsproces.

    Hoe

    Het doel is een forse stimulans van en bijdrage voor de ontwikkeling van onderzoekend en ontwerpend leren bij zowel leerkrachten als leerlingen. Waarbij wordt aangesloten bij de negen onderwerpen van computational thinking zoals de International Society for Technology in Education (ISTE) deze in samenwerking met The Computer Science Teachers Association (CSTA) heeft uitgewerkt. Doel van deze negen onderwerpen is om problemen op een zodanige manier te formuleren dat het mogelijk wordt om een computer of ander gereedschap te gebruiken om het probleem op te lossen.


    Naam micro project

    Gynzy iPad in de klas

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    Lia Weeda, OBS De Duizendpoot, Stichting Kindante

    Wat

    OBS De Duizendpoot wil graag haar onderwijs verbeteren door komend schooljaar en de twee opvolgende schooljaren in groep 4 Gynzy iPad in te zetten. Elk kind krijgt een iPad ter beschikking en zal de verwerking van reken - en spellinglessen uitvoeren op zijn/haar eigen device. De software daarvoor is ontwikkeld door Gynzy. Op deze manier wordt er perfect ingespeeld op de behoefte om onderwijs passend te maken en te personaliseren en een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van de 21 eeuwse vaardigheden. De betrokkenheid van kinderen bij de lesinhouden zal worden vergroot. Ons onderwijs zal met behulp van verdere digitalisering effectiever en efficiënter moeten worden. Daarbij zal vanuit de ontwikkeling van school bottum-up meer en meer gebruik gemaakt kunnen worden van leerzame Apps.

    Hoe

    Klassikale instructie op het digibord, en daarna digitale verwerking op iPads die aansluit op onze methode. De iPads worden ingezet bij elke reken- en spellingles. Kinderen leren omgaan met de iPad en bijbehorende Gynzy spelling en rekensoftware. De leerkracht krijgt real time inzicht in de voortgang van de kinderen én meer tijd, omdat correctiewerk vervalt. Tijdens de verwerking kan de leerkracht meteen zien welke kinderen de fout ingaan en een extra verlengde instructie geven. Op basis van de dagelijks verkregen data kunnen leerlingen heel gemakkelijk in groepen worden verdeeld (groepsplan). Ook is de verwerking zeer afwisselend en uitdagend, dankzij de enorme digitale variëteit.


    Naam Micro project

    4Vwo: Versterken, Verbinden, Verdiepen… Vertrouwen

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    Marc Demandt, College Broekhin, Stichting SOML

    Wat

    Om met ons vwo-onderwijs een nieuwe koers te varen is In het schooljaar 2015-2016 in samenspraak tussen schoolleiding en vwo-docententeams een gezamenlijke visie opgesteld. Vanuit deze breed gedragen visie starten we op een zorgvuldig gekozen leerjaar, 4 vwo, een pilot waarin geen PTA-cijfers worden gegenereerd en zodoende het traject naar het SE-cijfer wordt uitgesteld: 4Vwo: Versterken, Verbinden, Verdiepen… Vertrouwen. Deze pilot brengt de focus naar de kern van het onderwijs: het primaire proces in het klaslokaal. Door het PTA-keurslijf los te laten, ontstaat een ruimte waarin de docent als professional de vrijheid ervaart om het onderwijs naar eigen inzicht in te richten en waarin alternatieven worden ontwikkeld voor cijfers en overgangsnormen.

    Hoe

    Het zich los(ser) opstellen van opgelegde structuren zoals het PTA, summatief toetsen, overgangsnormen en methodes flexibiliseert de mogelijkheden van docenten en brengt het eigenaarschap van het onderwijs aan leerlingen terug bij de professional.

    Bij deze ‘nieuwe’ docentenrol hoort in deze pilot expliciet dat de leerling een breder palet aan feedback mag ontvangen. Feedback op zowel het traditionele cognitieve vlak van kennis en (vak)vaardigheden. Echter expliciet ook op non-cognitief vlak, waarbij aspecten van een leven lang leren en ontwikkelpunten passend bij het pre-academische klimaat van een vwo-afdeling centraal staan. Leerlingen krijgen geen pasklare antwoorden op vragen, maar handreikingen en instrumenten om pro-actief zelf antwoorden te ontdekken, aansluitend bij hun levensfase, de beschikbare talenten, de aanwezige voorkennis en persoonlijke interesses, passend binnen het pre-academische klimaat waarbinnen een 4vwo-leerling zijn leer- en ontwikkelproces inhoud en vorm geeft.

    De vwo-leerling ervaart dat een pre-academische vorming gaat over leren-leren, over groei en ontwikkeling i.p.v. over toetsen en cijfers. De leerling leert omgaan met feedback en reflectie en leert verantwoordelijkheid nemen voor zijn eigen leer- en ontwikkelproces. Dat zijn essentiële vaardigheden die passen binnen de zgn. 21ste century skills.

    Dit alles ontstaat en gebeurt in het klaslokaal. Binnen dit primaire proces ligt weliswaar de focus op het leren-leren van leerlingen en de ontwikkeling van de leerling binnen een pre-academisch klimaat, doch altijd met borging van huidige kwaliteitsstandaarden, doorstroom binnen de vwo bovenbouw, vwo-examenresultaten en succes in het vervolgonderwijs.


    Naam Micro project

    Firma PRO-Sell

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    G. Aerts, Het Kwadrant, Stichting LVO

    Wat

    Het project “PRO-Sell” is een leerlinggerichte en uitdagende wijze om leerlingen gebruik te laten maken van hun talenten en een verbinding met “de echte wereld” te realiseren. Een deel van het curriculum wordt gerealiseerd in samenwerking met de omgeving.

    Hoe

    Binnen de Firma PRO-Sell zijn er diverse mogelijkheden waar de leerlingen aan kunnen deelnemen. De leerlingen leren om vakoverstijgend te werken, er ontstaat een directe samenwerking tussen de maatschappij/omgeving en de leerlingen van Praktijkonderwijs.

    Ze leren het onderzoeken van de marktwaarde, te beargumenteren, te overtuigen en te discussiëren (Real-time business) Bereken winstmarge, bijhouden van boekhouding, werken met kassa, verkoopstrategie bepalen

    Zoeken en gebruiken van kansen afzetmarkten

    Recyclen en maken van goederen, b.v. tijdens vakken als Algemene Techniek, Creatieve vorming, Economie en Handel, Agro etc.


    Naam Micro project

    Mèt en Vóór elkaar!

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    T. Meuwissen, Het Kwadrant, Stichting LVO

    Wat

    Binnen het WOonZOrgCOmplex; dat eigendom is van Wonen Limburg en waarvan Stichting Land van Horne hoofdpartner is, participeert Het Kwadrant. Men beschikt over twee appartementen om buitenschools leren vorm te geven. Dit is reeds gerealiseerd voor VMBO. De participatie vanuit Praktijkonderwijs is nog onvoldoende aan de orde gekomen. Om het lesprogramma voor leerlingen van Praktijkonderwijs Het Kwadrant hierop af te stemmen en zo te komen tot “leren in de echte wereld” is een investering van groot belang.

    Het gaat hierbij om aansturing, uitwisseling en vooral onderwijsinhoudelijke ontwikkeling, zodat er een intensieve samenwerking ontstaat. Praktijkonderwijs Het Kwadrant wil komend schooljaar 4 ochtenden per week een volledige klas het lesprogramma laten volgen op de appartementen van WoZoCo. Dit zodat de leerlingen de kans krijgen om de theorie van school toe te passen en uit te voeren in de echte wereld. Tevens worden hiermee kansen gecreëerd voor stages, werk en bijbanen.

    Hoe

    Dat de leerlingen in aanraking komen met de beroepspraktijk, leren werken vanuit hun passie en het programma zal vakoverstijgend zijn. Leerlingen leren de link zien tussen de theorie en de praktijk en samenwerken met medewerkers, ook van buiten school. De leerlingen kunnen hun sociale vaardigheden verder ontplooien door omgang met de bewoners.

    Een doorlopend programma, waarbij 4 ochtenden per week de bewoners en leerlingen met en van elkaar kunnen leren door het uitwerken van opdrachtkaarten m.b.t.:

    • Koffie/thee serveren
    • Activiteiten voor de bewoners organiseren
    • Activiteiten voor de bewoners begeleiden
    • Schoonmaken
    • Hulp in de keuken
    • Mensen begeleiden; wandeling maken, boodschappen doen
    • Helpen in de kapsalon
    • Helpen met visagie
    • Assisteren in het winkeltje
    • Hulp in het restaurant
    • Samen praten, samen spelen
    • Helpen in de groenvoorziening


    Naam Micro project

    Samenwerking over en Weer(t)

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    T. Vollenbronck , Het Kwadrant, Stichting LVO

    Wat

    Het project “Samenwerking over en Weer(t)” is een innovatief project!

    Het samenwerken tussen Praktijkonderwijs Het Kwadrant en Voedselbank Weert is hét voorbeeld van “leren in de echte wereld” en vergroot de maatschappelijke betrokkenheid bij beide partijen.

    De voedselbank krijgt met regelmaat producten in grote hoeveelheden binnen, maar kan deze moeilijk verdelen. De leerlingen van Praktijkonderwijs nemen deze producten in bruikleen, zodat deze als ingrediënten gebruikt worden tijdens de praktijklessen horeca. Door het verwerken van de goederen in eenvoudige, maar gezonden maaltijden, snacks en kleine traktaties. Deze worden bezorgd bij de voedselbank, welke ze vervolgens aan de klanten verstrekt.

    Hoe

    De leerlingen ondervinden een meer bewuste manier van omgaan met voeding. Zij leren met beperkte mogelijkheden, toch te komen tot een gezonde en smakelijke maaltijd.

    Daarnaast ervaren de leerlingen dat hun bijdrage ertoe doet en wezenlijk is voor anderen.

    Tevens leidt dit tot meer bekendheid en begrip voor elkaars wereld en vinden er in de klas ook andersoortige gesprekken plaats. De vrijwilligers van de Voedselbank zijn blij met de ondersteuning en diversiteit van de verschillende gerechten.

    De leerlingen halen voldoening uit het koken voor een ander.

    De klanten van de Voedselbank zijn blij verrast met deze extra, andere aanvulling in hun pakket!

    De traktatie bij het kopje koffie ontstaat er tussen de klanten en de vrijwilligers van de Voedselbank gemakkelijker een gesprek.


    Naam Micro project

    Externe leerlabs

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    Natasja Jacobs, De Nieuwe Thermen, Stichting SVO/PL

    Wat

    Vanaf 1 augustus 2016 biedt SVOPL een krachtig, aanvullend onderwijsconcept in Parkstad: de Nieuwe Thermen. Eén van de uitgangspunten van dNT is dat leerlingen op een andere manier leren binnen, maar ook buiten de schoolmuren.

    Voor het leren buiten de schoolmuren maken we van reeds bestaande, inspirerende leeromgevingen in Parkstad onze eigen labs. Denk hierbij aan plaatsen waar leerlingen leren coderen en 3d-printen, of een geschiedenisles tussen Romeinse overblijfselen, economie op een bedrijfslocatie, biologie in de buitenlucht, dans, muziek en drama in een theater, technologie in een rijke IT-omgeving. Maar ook de directe omgeving, zoals het park, de buurt en de sporthal is onze leeromgeving.

    In het lesrooster is wekelijks een dagdeel opgenomen voor het werken in de leerlabs buiten de schoolmuren.

    Doel van het project is dat er buiten de schoolmuren geleerd wordt in 6 domeinen: Taal & Cultuur, Wiskunde & Rekenen, Mens & Maatschappij, Natuur & Technologie, Kunst & Ontwerp, Sport & Bewegen.

    Leerlingen leren vakoverstijgend in domeinen, leerlingen leren niet op school maar buiten het klaslokaal in een leeromgeving passend bij het domein.

    Wat is het gewenste resultaat?

    Hoe

    In het schooljaar 2016-2017 worden gedurende ongeveer 38 schoolweken de externe labs voor leerjaar 1 ontwikkeld en aangeboden in o.a. Carbon6, Thermenmuseum, Nieuwe Nor, C-Mill, Parkstad Limburg Theater en Museumplein Limburg. In het schooljaar 2017-2018 worden gedurende ongeveer 38 schoolweken de externe labs voor leerjaar 1 bijgesteld en de externe labs voor leerjaar 2 ontwikkeld.



    Naam Micro project

    Globaland

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    Bert Hanckmann, BCPL locatie Brandenberg, Stichting SVO/PL

    Wat

    Het vakoverstijgende onderwijsproject Globaland is bedoeld om leerlingen kennis te laten maken met en meer te leren over mondiale onrechtvaardigheid. Het doel is om leerlingen ervan bewust te maken dat een maatschappij zoals wij deze in Nederland kennen niet overal vanzelfsprekend is. We willen hen laten nadenken over wat er speelt in de wereld buiten hun eigen belevingswereld, laten nadenken over onze rol hierbij en over mogelijke oplossingen. Daarnaast willen wij de leerlingen een eigen mening laten vormen over deze onderwerpen en hen motiveren om (uiteindelijk) zelf in actie te komen. In het project zijn elementen verwerkt die aansluiten bij Mens & Maatschappij, Aardrijkskunde, Levensbeschouwing en Economie. Naast veel kennis doen leerlingen verschillende competenties op zoals zelfstandig werken in groepen, brainstormen en discussiëren, creatief denken en werken, keuzes maken en reflecteren.

    Hoe

    De leerlingen doen kennis op over mondiale onrechtvaardigheid, leren hier hun eigen mening over vormen en inzicht krijgen in hun eigen rol bij het helpen oplossen van bepaalde problemen (bijvoorbeeld het kopen van eerlijke producten, minder vlees eten om landroof voor sojavelden te verminderen, hoe om te gaan met het vluchtelingenprobleem). Daarnaast krijgen leerlingen inzicht in de economie van een land: waarom betalen we eigenlijk belasting en waarom is dit noodzakelijk voor de ontwikkeling van een land?


    Naam Micro project

    Kleur (h)erkennen in de gehandicaptenzorg

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    H. Feyen, Gilde Opleidingen, Stichting Gilde Opleidingen

    Wat

    In onze maatschappij neemt de diversiteit van culturele groepen toe. De beleving van gehandicapt zijn, in de zin van waarden en normen en de zorg die hierbij hoort, wordt zeer verschillend beleefd. Nederland kent een hoogwaardige zorg voor mensen met beperkingen. In Arabisch Islamitische landen (o.a. Marokko) leveren verschillen in beleving, begrip, inzicht, waarden en normen rond dit onderwerp in voorkomende situaties vaak misverstanden op. Een grensverleggende onderneming kan zijn om Nederlandse studenten andere culturen en belevingen rond dit onderwerp van dichtbij te laten ervaren. Het aanbieden van een gerichte stage in Marokko leidt voor deze studenten tot een breder inzicht in de beleving van gehandicapt zijn in Marokko. Hierover kunnen in Nederland legio workshops gegeven worden, maar de overtuiging is dat het nabij ervaren van de praktijk tot een snellere en effectievere bewustwording zal leiden.

    Hoe

    Er wordt structureel de mogelijkheid geboden aan studenten MBO Welzijn om een stage van minimaal 10 weken te bewerkstelligen zodat zij met deze ervaring inzicht krijgen in de beleving van zorg voor gehandicapten met een Islamitische achtergrond in Nederland. Het project ondersteunt en initieert ook de overdracht van kennis en ervaring aan studenten uit leerjaar 1 van de sector Zorg en Welzijn. Als meerwaarde wordt gezien:

    • De kennis en achtergronden van diverse doelgroepen maakt de dienstverlening effectiever
    • De vakbekwaamheid van de student/professional wordt door deze ervaring groter, omdat deze leert om in te spelen op achtergronden en gewoonten van de Marokkaanse cultuur.
    • Door verdieping van praktische kennis in het land van herkomst wordt voor de doelgroep de instroom binnen instellingen meer laagdrempelig.
    • De keuze om in het Rif gebergte (provincie Oriental) te starten is bepaald door het feit dat 85% van de in Nederland wonende Marokkanen afkomstig is uit die regio.


    Naam micro project

    Plusklas

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Miriam Wijnands-Leentjes, Basisschool de Driesprong, Triade


    Wat

    In het kader van talentontwikkeling willen wij extra mogelijkheden bieden aan leerlingen die behoefte hebben aan een verrijkend onderwijsaanbod. We willen een plusklas opzetten waarin de leerlingen die onvoldoende uitdaging krijgen in ons huidige systeem een kans krijgen om hun talenten te ontplooien en waarin studievaardigheden en attitudes (leren doorzetten, fouten durven maken, leergierig blijven) gestimuleerd worden. De plusklas biedt deze leerlingen een beredenerend aanbod gericht op kennis en vaardigheden voor de toekomst.

    Hoe

    Een dagdeel in de week ontmoeten de leerlingen ontwikkelingsgelijken (peers) waarmee ze in groepjes aan de slag gaan met uitdagende projecten. Het expertiseteam begaafdheid zal het project bewaken. Het welbevinden van de kinderen wordt vooraf en achteraf gemeten met ZIEN, een instrument om de sociaal emotionele ontwikkeling van kinderen te meten. De ontwikkeling van kennis, vaardigheden en levenshouding zal in logboeken worden bijgehouden op basis van de Doelen en Vaardigheden Lijst van het SLO (www.talenstimuleren.nl).


    Naam micro project

    Executieve functies trainen en integreren in het dagelijks onderwijs

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Innovo


    Wat

    In dit project willen we een doorgaande leerlijn executieve functies (uitvoerende regelfuncties: planning, aandacht, werkgeheugen, gedragsregulatie, taakinitiatie, organiseren van je gedrag in de klas) ontwikkelen. We zullen leeractiviteiten ontwerpen die de executieve functies bevorderen en deze integreren in het dagelijks lesgeven op school. Tijdens het project doet de leerkracht kennis op over de verschillende soorten executieve functies ,hun bijdrage tot schoolsucces en de gevolgen van zwakke executieve functies voor het leerplezier en de werkhouding. De leerkracht leert deze executieve functies van leerlingen te versterken zodat leerlingen groeien in leerresultaten, maar ook in persoonlijke ontwikkeling en zo met zelfvertrouwen en een evenwichtig gevoel op school en hun omgeving kunnen uitgroeien tot een volwaardig mens in de huidige maatschappij.

    Hoe

    De leerkrachten worden geschoold in executieve functies en gecoacht bij het integreren van leeractiviteiten binnen het dagelijkse onderwijs. Vervolgens willen we onderzoeken wat het effect van het werken aan executieve functies is op leerresultaten, werkhouding, planning en organisatievaardigheden, eigen gedrags- en emotieregulatie en evaluatievaardigheden. Hiervoor wordt gebruikt gemaakt van de meetinstrumenten van de school zoals Cito LOVS en Viseon en daarnaast van een meetinstrument gericht op executieve functies.


    Naam micro project

    Beebot

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting


    Wat

    Beebot is een hulpmiddel waarmee leerlingen spelenderwijs leren programmeren en waarmee invulling gegeven kan worden aan Wetenschap & Techniek onderwijs in de breedste zin van het woord. De Beebot kan zo ingezet worden als voorbereiding op verschillende (deel)ontwikkelingsgebieden zoals ICT vaardigheden, ruimtelijk inzicht en Engelse taalontwikkeling.

    In dit project willen we de Beebot inzetten om zowel het leesonderwijs te bevorderen als om te werken aan taalontwikkeling, ruimtelijk inzicht, logisch redeneren en samenwerken.

    Hoe

    De Beebot zal dagelijks ingezet worden bij het leren en automatiseren van nieuwe letters en woorden. In een dagboek zal bijgehouden worden welke ontwikkeling de leerlingen doormaken. Op die manier wordt inzichtelijk of leerlingen meer, sneller en makkelijker letters en woorden leren als er gewerkt wordt met de Beebot.


    Naam Micro project

    4Vwo: Versterken, Verbinden, Verdiepen… Vertrouwen

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    Marc Demandt, College Broekhin, Stichting SOML

    Wat

    Om met ons vwo-onderwijs een nieuwe koers te varen is In het schooljaar 2015-2016 in samenspraak tussen schoolleiding en vwo-docententeams een gezamenlijke visie opgesteld. Vanuit deze breed gedragen visie starten we op een zorgvuldig gekozen leerjaar, 4 vwo, een pilot waarin geen PTA-cijfers worden gegenereerd en zodoende het traject naar het SE-cijfer wordt uitgesteld: 4Vwo: Versterken, Verbinden, Verdiepen… Vertrouwen. Deze pilot brengt de focus naar de kern van het onderwijs: het primaire proces in het klaslokaal. Door het PTA-keurslijf los te laten, ontstaat een ruimte waarin de docent als professional de vrijheid ervaart om het onderwijs naar eigen inzicht in te richten en waarin alternatieven worden ontwikkeld voor cijfers en overgangsnormen.

    Hoe

    Het zich los(ser) opstellen van opgelegde structuren zoals het PTA, summatief toetsen, overgangsnormen en methodes flexibiliseert de mogelijkheden van docenten en brengt het eigenaarschap van het onderwijs aan leerlingen terug bij de professional.

    Bij deze ‘nieuwe’ docentenrol hoort in deze pilot expliciet dat de leerling een breder palet aan feedback mag ontvangen. Feedback op zowel het traditionele cognitieve vlak van kennis en (vak)vaardigheden. Echter expliciet ook op non-cognitief vlak, waarbij aspecten van een leven lang leren en ontwikkelpunten passend bij het pre-academische klimaat van een vwo-afdeling centraal staan. Leerlingen krijgen geen pasklare antwoorden op vragen, maar handreikingen en instrumenten om pro-actief zelf antwoorden te ontdekken, aansluitend bij hun levensfase, de beschikbare talenten, de aanwezige voorkennis en persoonlijke interesses, passend binnen het pre-academische klimaat waarbinnen een 4vwo-leerling zijn leer- en ontwikkelproces inhoud en vorm geeft.

    De vwo-leerling ervaart dat een pre-academische vorming gaat over leren-leren, over groei en ontwikkeling i.p.v. over toetsen en cijfers. De leerling leert omgaan met feedback en reflectie en leert verantwoordelijkheid nemen voor zijn eigen leer- en ontwikkelproces. Dat zijn essentiële vaardigheden die passen binnen de zgn. 21ste century skills.

    Dit alles ontstaat en gebeurt in het klaslokaal. Binnen dit primaire proces ligt weliswaar de focus op het leren-leren van leerlingen en de ontwikkeling van de leerling binnen een pre-academisch klimaat, doch altijd met borging van huidige kwaliteitsstandaarden, doorstroom binnen de vwo bovenbouw, vwo-examenresultaten en succes in het vervolgonderwijs.

    Naam Micro project

    Firma PRO-Sell

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    G. Aerts, Het Kwadrant, Stichting LVO

    Wat

    Het project “PRO-Sell” is een leerlinggerichte en uitdagende wijze om leerlingen gebruik te laten maken van hun talenten en een verbinding met “de echte wereld” te realiseren. Een deel van het curriculum wordt gerealiseerd in samenwerking met de omgeving.

    Hoe

    Binnen de Firma PRO-Sell zijn er diverse mogelijkheden waar de leerlingen aan kunnen deelnemen. De leerlingen leren om vakoverstijgend te werken, er ontstaat een directe samenwerking tussen de maatschappij/omgeving en de leerlingen van Praktijkonderwijs.

    Ze leren het onderzoeken van de marktwaarde, te beargumenteren, te overtuigen en te discussiëren (Real-time business) Bereken winstmarge, bijhouden van boekhouding, werken met kassa, verkoopstrategie bepalen

    Zoeken en gebruiken van kansen afzetmarkten

    Recyclen en maken van goederen, b.v. tijdens vakken als Algemene Techniek, Creatieve vorming, Economie en Handel, Agro etc.

    Naam Micro project

    Mèt en Vóór elkaar!

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    T. Meuwissen, Het Kwadrant, Stichting LVO

    Wat

    Binnen het WOonZOrgCOmplex; dat eigendom is van Wonen Limburg en waarvan Stichting Land van Horne hoofdpartner is, participeert Het Kwadrant. Men beschikt over twee appartementen om buitenschools leren vorm te geven. Dit is reeds gerealiseerd voor VMBO. De participatie vanuit Praktijkonderwijs is nog onvoldoende aan de orde gekomen. Om het lesprogramma voor leerlingen van Praktijkonderwijs Het Kwadrant hierop af te stemmen en zo te komen tot “leren in de echte wereld” is een investering van groot belang.

    Het gaat hierbij om aansturing, uitwisseling en vooral onderwijsinhoudelijke ontwikkeling, zodat er een intensieve samenwerking ontstaat. Praktijkonderwijs Het Kwadrant wil komend schooljaar 4 ochtenden per week een volledige klas het lesprogramma laten volgen op de appartementen van WoZoCo. Dit zodat de leerlingen de kans krijgen om de theorie van school toe te passen en uit te voeren in de echte wereld. Tevens worden hiermee kansen gecreëerd voor stages, werk en bijbanen.

    Hoe

    Dat de leerlingen in aanraking komen met de beroepspraktijk, leren werken vanuit hun passie en het programma zal vakoverstijgend zijn. Leerlingen leren de link zien tussen de theorie en de praktijk en samenwerken met medewerkers, ook van buiten school. De leerlingen kunnen hun sociale vaardigheden verder ontplooien door omgang met de bewoners.

    Een doorlopend programma, waarbij 4 ochtenden per week de bewoners en leerlingen met en van elkaar kunnen leren door het uitwerken van opdrachtkaarten m.b.t.:

    Koffie/thee serveren

    Activiteiten voor de bewoners organiseren

    Activiteiten voor de bewoners begeleiden

    Schoonmaken

    Hulp in de keuken

    Mensen begeleiden; wandeling maken, boodschappen doen

    Helpen in de kapsalon

    Helpen met visagie

    Assisteren in het winkeltje

    Hulp in het restaurant

    Samen praten, samen spelen

    Helpen in de groenvoorziening

    Naam Micro project

    Samenwerking over en Weer(t)

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    T. Vollenbronck , Het Kwadrant, Stichting LVO

    Wat

    Het project “Samenwerking over en Weer(t)” is een innovatief project!

    Het samenwerken tussen Praktijkonderwijs Het Kwadrant en Voedselbank Weert is hét voorbeeld van “leren in de echte wereld” en vergroot de maatschappelijke betrokkenheid bij beide partijen.

    De voedselbank krijgt met regelmaat producten in grote hoeveelheden binnen, maar kan deze moeilijk verdelen. De leerlingen van Praktijkonderwijs nemen deze producten in bruikleen, zodat deze als ingrediënten gebruikt worden tijdens de praktijklessen horeca. Door het verwerken van de goederen in eenvoudige, maar gezonden maaltijden, snacks en kleine traktaties. Deze worden bezorgd bij de voedselbank, welke ze vervolgens aan de klanten verstrekt.

    Hoe

    De leerlingen ondervinden een meer bewuste manier van omgaan met voeding. Zij leren met beperkte mogelijkheden, toch te komen tot een gezonde en smakelijke maaltijd.

    Daarnaast ervaren de leerlingen dat hun bijdrage ertoe doet en wezenlijk is voor anderen.

    Tevens leidt dit tot meer bekendheid en begrip voor elkaars wereld en vinden er in de klas ook andersoortige gesprekken plaats. De vrijwilligers van de Voedselbank zijn blij met de ondersteuning en diversiteit van de verschillende gerechten.

    De leerlingen halen voldoening uit het koken voor een ander.

    De klanten van de Voedselbank zijn blij verrast met deze extra, andere aanvulling in hun pakket!

    De traktatie bij het kopje koffie ontstaat er tussen de klanten en de vrijwilligers van de Voedselbank gemakkelijker een gesprek.


    Naam Micro project

    Externe leerlabs

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    Natasja Jacobs, De Nieuwe Thermen, Stichting SVO/PL

    Wat

    Vanaf 1 augustus 2016 biedt SVOPL een krachtig, aanvullend onderwijsconcept in Parkstad: de Nieuwe Thermen. Eén van de uitgangspunten van dNT is dat leerlingen op een andere manier leren binnen, maar ook buiten de schoolmuren.

    Voor het leren buiten de schoolmuren maken we van reeds bestaande, inspirerende leeromgevingen in Parkstad onze eigen labs. Denk hierbij aan plaatsen waar leerlingen leren coderen en 3d-printen, of een geschiedenisles tussen Romeinse overblijfselen, economie op een bedrijfslocatie, biologie in de buitenlucht, dans, muziek en drama in een theater, technologie in een rijke IT-omgeving. Maar ook de directe omgeving, zoals het park, de buurt en de sporthal is onze leeromgeving.

    In het lesrooster is wekelijks een dagdeel opgenomen voor het werken in de leerlabs buiten de schoolmuren.

    Doel van het project is dat er buiten de schoolmuren geleerd wordt in 6 domeinen: Taal & Cultuur, Wiskunde & Rekenen, Mens & Maatschappij, Natuur & Technologie, Kunst & Ontwerp, Sport & Bewegen.

    Leerlingen leren vakoverstijgend in domeinen, leerlingen leren niet op school maar buiten het klaslokaal in een leeromgeving passend bij het domein.

    Wat is het gewenste resultaat?

    Hoe

    In het schooljaar 2016-2017 worden gedurende ongeveer 38 schoolweken de externe labs voor leerjaar 1 ontwikkeld en aangeboden in o.a. Carbon6, Thermenmuseum, Nieuwe Nor, C-Mill, Parkstad Limburg Theater en Museumplein Limburg. In het schooljaar 2017-2018 worden gedurende ongeveer 38 schoolweken de externe labs voor leerjaar 1 bijgesteld en de externe labs voor leerjaar 2 ontwikkeld.


    Naam Micro project

    Globaland

    Uitvoerend persoon, school, overkoepelende stichting

    Bert Hanckmann, BCPL locatie Brandenberg, Stichting SVO/PL

    Wat

    Het vakoverstijgende onderwijsproject Globaland is bedoeld om leerlingen kennis te laten maken met en meer te leren over mondiale onrechtvaardigheid. Het doel is om leerlingen ervan bewust te maken dat een maatschappij zoals wij deze in Nederland kennen niet overal vanzelfsprekend is. We willen hen laten nadenken over wat er speelt in de wereld buiten hun eigen belevingswereld, laten nadenken over onze rol hierbij en over mogelijke oplossingen. Daarnaast willen wij de leerlingen een eigen mening laten vormen over deze onderwerpen en hen motiveren om (uiteindelijk) zelf in actie te komen. In het project zijn elementen verwerkt die aansluiten bij Mens & Maatschappij, Aardrijkskunde, Levensbeschouwing en Economie. Naast veel kennis doen leerlingen verschillende competenties op zoals zelfstandig werken in groepen, brainstormen en discussiëren, creatief denken en werken, keuzes maken en reflecteren.

    Hoe

    De leerlingen doen kennis op over mondiale onrechtvaardigheid, leren hier hun eigen mening over vormen en inzicht krijgen in hun eigen rol bij het helpen oplossen van bepaalde problemen (bijvoorbeeld het kopen van eerlijke producten, minder vlees eten om landroof voor sojavelden te verminderen, hoe om te gaan met het vluchtelingenprobleem). Daarnaast krijgen leerlingen inzicht in de economie van een land: waarom betalen we eigenlijk belasting en waarom is dit noodzakelijk voor de ontwikkeling van een land?

    Naam microproject

    I Duif

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Jeanine Senden en Shannen Rompelberg, Kom leren


    Wat

    Tegenwoordig heeft bijna iedereen een smartphone waarmee dagelijks een heleboel berichtjes via WhatsApp verstuurd worden. Waarom zouden we er dan geen gebruik van maken in de klas? In een kleuterklas wel te verstaan! Door deze vorm van contact kan er een open verbinding ontstaan tussen de ouders en de leerkracht waarin ook de leerling wordt betrokken. In dit project willen we het gebruik van WhatsApp als communicatiemiddel tussen ouder/verzorger en kleuterleerkracht verder ontwikkelen, evalueren en uitbreiden.

    Hoe

    Via WhatsApp worden ouders op de hoogte gehouden hoe het met hun kind gaat door middel van een foto of een kort verslagje. Voordat de foto of het berichtje doorgestuurd wordt naar de ouders, gaat de leerkracht altijd eerst met de leerlingen in gesprek. Zo krijgt de leerling een rol in de communicatie tussen leerkracht en ouder. De communicatie werkt ook andersom. Via de WhatsApp houden de ouders de leerkracht ook op de hoogte van de ontwikkelingen thuis. Zo vormen de ouders en de leerkracht een cirkel om de leerling, wordt de ouderbetrokkenheid verhoogd en de ouderparticipatie bevorderd. Aan de hand van een turflijst zal in kaart worden gebracht hoe vaak de leerlingen komen vragen om een foto/bericht te sturen en hoe vaak leerlingen een foto/bericht vanuit thuis naar school sturen. Daarnaast worden foto's en berichten bewaard en uitgeprint om de ontwikkeling van de leerling te volgen. Door middel van een enquête onder deelnemende en niet-deelnemende ouders zal de ouderbetrokkenheid gemeten worden. Positieve ervaringen zullen vervolgens gedeeld worden met andere onderwijsgevenden om ze te enthousiasmeren en inspireren.


    Naam micro project

    Robots in de klas

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Ilse Wiertz-Hamers, Kindante


    Wat

    In dit project willen we expertise opdoen op het gebied van het inzetten van robots in de klas. Dit willen we doen door kinderen met speciale onderwijsbehoeften te leren programmeren bij activiteiten/lessen/thema's die in de groepen aan bod komen. We willen leerlingen dus leren programmeren binnen verschillende contexten middels samenwerkend leren. Op sociaal-emotioneel gebied is dit een toegevoegde waarde als het gaat om bijvoorbeeld samenwerken, zelfontdekkend leren, verantwoordelijkheid nemen/krijgen.


    Hoe

    We willen robots inzetten in groep 4 en groep 8 bij activiteiten/lessen van meerdere vakgebieden, zoals rekenen, taal, de vakken behorende bij wereldoriëntatie, spelling enzovoort. Kinderen leren zo programmeren in betekenisvolle situaties. Er zal een opbouw in moeilijkheid zitten naar de hogere groepen toe. Daarnaast zal gebruik worden gemaakt van samenwerkend leren.

    Om na te gaan of kinderen een positieve ontwikkeling doormaken wat betreft de omgang met het materiaal en het samenwerken, en of ze een groei laten zien met betrekking tot het programmeren van verschillende robots zal gebruik worden gemaakt van leerkrachtobservaties.


    Naam microproject

    Virtual Reality

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Martijn Janssen, Dendron College, LVO


    Wat
    Ervaren hoe het is om in een vluchtelingenkamp te leven. Dat kan op het Dendron College met behulp van een videobril en koptelefoon. Dendron Virtual Reality biedt leerlingen een 360-graden-ervaring en plaatst hen visueel, auditief en kinesthetisch in een nieuwe omgeving. Na een succesvolle, kleinschalige pilot wil het Dendron College de mogelijkheden om Virtual Reality in te zetten als educatief hulpmiddel verder onderzoeken, en tevens experimenteren met praktische toepassingen. Het uiteindelijke doel is om Virtual Reality structureel in te zetten in de school.

    Hoe
    Tussen 2015 en 2017 wil het Dendron College experimenteren met toepassingen van Virtual Reality in de klas. Daarvoor moet de kennis over hardware en software worden uitgebreid en moet worden geïnvesteerd in Virtual Reality-brillen en smartphonesets. Leerlingen en docenten kunnen vervolgens gezamenlijk aan de slag met het ontwikkelen van nieuwe virtuele omgevingen en toepassingen. Het Dendron College ontwikkelt een databank, waarop voor het onderwijs geschikt materiaal wordt gedeeld. De experimenten worden door leerlingen, docenten en de projectleider geëvalueerd.


    Naam micro project

    No more talking: take action!

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Dhr. J. Gulpen en Mevr. M. Kochen, Sophianum, LVO-Heuvelland


    Wat

    “Ons onderwijs moet leerlingen optimaal voorbereiden op de samenleving en tegelijkertijd tegemoet komen aan de individuele leerbehoeften van een ieder.” Met de pilot ‘Het stimuleren van gepersonaliseerd leren met behulp van ICT’ proberen wij, de sectie Duits van Scholengemeenschap Sophianum (locatie Gulpen), aan te sluiten bij de missie van Stichting LVO (Beleidsvisie LVO 2013-2017). Wij ervaren grote niveauverschillen tussen leerlingen bij het vak Duits. We hebben bijvoorbeeld te maken met een aantal native speakers. Het is onze uitdaging om iedere leerling op eigen niveau te bedienen en zo effectief mogelijk uit te dagen. Door (meer) gebruik te maken van digitale hardware-voorzieningen (smartboards, netbooks, wifi en flipcamera’s) en software-middelen (o.a. digitaal lesmateriaal, lerarenplatforms en content management systems) sturen we aan op een gepersonaliseerd leerproces. Leerlingen kunnen hierdoor op hun eigen manier en

    in hun eigen tempo werken aan de leerdoelen en de aangeboden leersituaties komen tegemoet aan de verschillen tussen leerlingen. Het gebruik van deze digitale middelen maakt de praktijk van gepersonaliseerd leren hanteerbaarder en uitvoerbaarder. Tevens bieden we onderwijs aan dat een afspiegeling is van het leven van de leerling, en waarmee deze wordt voorbereid op de toekomst.

    We verwachten dat de pilot effect heeft op meerdere niveaus:

    -Leerlingniveau: een verhoging van de zelfstandigheid en keuzevrijheid binnen het eigen leerproces van de leering. Stimulans van samenwerken met en tussen leerlingen en het bieden van maatwerk met betrekking tot tempo en niveau.
    -Docentniveau: de veranderende taak van de docent, van doceren naar coaching en begeleiding.
    -Schoolorganisatie: een impuls voor de onderwijsontwikkeling in de gehele organisatie, conform het zogenaamde olievlekprincipe.

    Hoe
    De sectie Duits start zowel in de onderbouw, als in de bovenbouw met de pilot. Tijdens de reguliere lessen worden diverse ICT-middelen ingezet om leerprocessen te personaliseren. Een feedbackscan en cijferrapportages geven zicht op de effecten van de pilot. Tevens worden voortgangs- en evaluatiegesprekken gevoerd met teamleiders, docenten en de werkgroep Academische Opleidingsschool.


    Naam micro project

    Muziekontwikkeling binnen LVO Maastricht

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Renée Joosten, VHBO , LVO Maastricht


    Wat
    In de blazersklas krijgen leerlingen van LVO Maastricht in leerjaar 1 en 2 de kans om voor een korte periode een blaasinstrument te bespelen. De leerlingen participeren gedurende tien weken in een module die is vormgegeven door muziekdocenten en studenten van het Conservatorium in Maastricht. Het project wordt afgesloten met een concert.

    Hoe
    De blazersklas is een project dat tien weken duurt. Iedere week participeren de leerlingen twee lesuren in een module, die is vormgegeven door drie muziekdocenten van LVO Maastricht. Binnen de module verzorgen studenten van het Conservatorium in Maastricht specifieke lessen over de muziekinstrumenten. De module wordt afgesloten met een miniconcert. Tussen 2016 en 2018 worden 8 modules aangeboden, op meerdere locaties van LVO Maastricht.

    De leerlingen die participeren in de blazersklas bespelen een blaasinstrument en maken samen met klasgenoten muziek. Door de samenwerking met het Conservatorium in Maastricht biedt dit project de mogelijkheid om leerlingen uitvoeriger en specifieker kennis te laten maken met de mogelijkheden binnen de muziekwereld. Daarnaast zijn in de blazersklas sociale vaardigheden en samenspel van groot belang. Met de uitvoering van dit project, willen wij onderzoeken of muzikaal enthousiasme en talent op deze manier kunnen worden geactiveerd.


    Naam microproject

    Het videoleerbedrijf

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Wampie van Tilburg, Grotius College, LVO (i.s.m. collega’s van informatie & communicatie technologie, management & organisatie en media & design).


    Wat

    Een belangrijke missie van onze school is het aanbieden van een toekomstrelevant schoolcurriculum, dat aansluit bij de interesses, talenten en plannen van de leerlingen. We willen onze leerlingen zo goed mogelijk voorbereiden op hun toekomen en samenhang in kennis en vaardigheden laten zien door vakoverstijgend onderwijs aan te bieden. Om deze doelstellingen te realiseren, starten we in januari 2016 met het videoleerbedrijf. Dit is een minionderneming, waarin leerlingen op een praktische en realistische, maar ook veilige manier kunnen leren. Niet alleen zijn ze verantwoordelijk voor het maken van videoproducties (gekoppeld aan de vakken ICT en media & design), maar ook voor de bedrijfsvoering (gelinkt aan het vak management en organisatie).


    Hoe
    In het videoleerbedrijf worden theorie en praktijk gecombineerd. Leerlingen passen in een levensechte werkomgeving hun opgedane kennis toe, en ontwikkelen tegelijkertijd vakgerelateerde competenties. Daarnaast ontwikkelen leerlingen in het videoleerbedrijf vaardigheden als organiseren, analyseren, zelfstandig werken, reflecteren, presenteren en communiceren. Leerlingen moeten samenwerken om tot resultaten te komen, en leren daardoor hun eigen en elkaars talenten en interesses beter kennen (interessant voor de LOB). Ook zal het initiatief een impuls geven aan de leerlingparticipatie op school. Leerlingen komen in aanraking met nieuwe kansen en verantwoordelijkheden op school, waardoor de betrokkenheid toe zal nemen. Tot slot zien we winst in het vakoverstijgende aspect van dit project. Vakken als media & design, management & organisatie, informatica, Nederlands en beeldende kunst zijn nauw betrokken bij de ontwikkeling, uitvoering en evaluatie van het project.


    Naam micro project

    Junior Bildung Academie

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Nathalie Crapanzano, Charlemange College, SVO|PL


    Wat

    Wie ben ik? Hoe verhoud ik me tot de ander? En welke rol heb ik in de samenleving? Op de Junior Bildung Academie van SVO|PL worden leerlingen uit 4 havo en 4/5 vwo geprikkeld om na te denken over deze vragen. Het initiatief stimuleert persoonlijke ontplooiing (‘bildung’) en verantwoordelijkheidsbesef, onder andere door leerlingen in contact te brengen met inspirerende ‘meesters’. Dit zijn bijvoorbeeld filosofen, schrijvers, politici, journalisten, kunstenaars of wetenschappers. Na de ontmoeting worden leerlingen aangemoedigd om hun ervaringen te evalueren, te presenteren en te bespreken met hun medestudenten. Persoonlijke coaches ondersteunen de participerende leerlingen in hun ontwikkelingsproces en dragen bij aan een optimale bildungflow: een context waarin leerlingen zich veilig en vrij voelen en waardoor ze worden geïnspireerd en gemotiveerd om te experimenteren, reflecteren en verantwoordelijkheid te nemen voor zichzelf en de ander.

    De Junior Bilding Academie van SVO|PL is geïnspireerd door De Bildung Academie, een academisch platform voor studenten in het wetenschappelijk onderwijs (http://debildungacademie.nl/).

    Hoe
    In 2016 vindt de pilot van de Junior Bildung Academie plaats. Hiervoor worden 12 tot 15 leerlingen uit 4 havo en 4/5 vwo geselecteerd, op basis van hun interesses, houding en schoolprestaties. In 2016-2017 start een nieuwe groep leerlingen met het volledige programma, dat uit zes dagen per schooljaar bestaat. De Junior Bildung Academie bestaat voor de helft uit een vastgesteld basisprogramma en voor de andere helft uit maatwerkactiviteiten voor de individuele leerling. De activiteiten vinden gedeeltelijk tijdens reguliere lessen plaats (de leerlingen zorgen op eigen initiatief en in overleg met de leraar dat de stof wordt ingehaald), maar kunnen ook buiten schooluren of in de vakanties worden gepland.

    De leerlingen van de Junior Bildung Academie gaan onder andere aan de slag met de volgende programmaonderdelen:

    -Een bezoek aan het Brainwash Festival in Den-Haag, om na te denken over maatschappelijke vraagstukken van deze tijd en de persoonlijke rol van de leerling daarin.
    -Persoonlijke coachsessies om gezamenlijk het ontwikkelproces vorm te geven en te evalueren.
    -Gesprekken met leermeesters (bijvoorbeeld filosofen, schrijvers, politici, journalisten, kunstenaars of wetenschappers), gevolgd door een reflectie en presentatie.
    -Persoonlijke verdieping in een maatschappelijk vraagstuk.
    -In gesprek met een spreker over de vraag ‘Ben jij futureproof?’.
    -Training in presentatievaardigheden.


    Naam micro project

    Beroepsgerichte en realistische schoolexamens Nederlands

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Heleen de Jonge, ROC Gilde Opleidingen


    Wat

    Binnen de sector Zorg en Welzijn van ROC Gilde Opleidingen is enkele jaren geleden het vak Nederlands geïntroduceerd als verplicht examenvak. De huidige vastgestelde schoolexamens voldoen niet aan de kwaliteitseisen van de vakdocenten en moderne opvattingen over examineren binnen het mbo. Belangrijke knelpunten zijn het gebrek aan betrouwbaarheid, validiteit en relevante (beroeps)inhoud. Het kost een onderwijsteam daarnaast erg veel tijd om te examineren.

    Het project beoogt een set van acht vastgestelde en goedgekeurde examens op twee niveaus en voor twee gelegenheden die binnen de gehele sector Zorg en Welzijn kunnen worden afgenomen.

    Hoe

    De examens Nederlands moeten aantrekkelijker zijn voor de leerling door aansluiting op het beroep of het domein burgerschap. De betrouwbaarheid moet vergroot worden door gebruik te maken van relevante inhoud binnen de examenopdrachten. De validiteit moet verbeterd worden door het voorkomen van het aspect “kennis van de wereld” als beïnvloedende factor. Na afname van de examens wordt de tevredenheid over de nieuwe examens gemeten onder examinatoren en deelnemers. Er vindt een evaluatie plaats in de centrale werkgroep Nederlands waarna de examens geïmplementeerd worden.


    Naam micro project

    Inspired

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    A van der Wouden (Wilma Lautenbach??), Arcus College


    Wat

    Creëren van een info/coördinatiepunt op de campus van het Arcus College om onderwijs en bedrijven aan elkaar te koppelen. Hiermee willen we het ondernemend gedrag van studenten stimuleren en docenten stimuleren en enthousiasmeren om afwisselende didactische werkvormen te gebruiken en hen te ontlasten in hun organisatorische taken.

    Het project zal ook de beeldvorming van het bedrijfsleven over het onderwijs en van het onderwijs over het bedrijfsleven verbeteren.

    Hoe

    Bedrijven en instellingen worden vanuit het coördinatiepunt benaderd om een bijdrage te leveren in de vorm van workshops, trainingen en/of presentaties, zoals sollicitatietrainingen en bijvoorbeeld masterclasses als ‘Een eigen bedrijf starten’, ‘Plannen en budgetteren’ of ‘Cyberpesten’.

    Het info/coördinatiepunt vormt een netwerk van bedrijven en onderwijs, legt een database aan van mogelijkheden en stemt vraag en aanbod op elkaar af. Het info/coördinatiepunt krijgt de vorm van een leerwerkbedrijf, gerund door studenten van diverse opleidingen, mbo en hbo, onder leiding van een docent, die tevens de projectleider is.

    Het project wordt tussentijds geëvalueerd middels interviews en vragenlijsten onder studenten, docenten en samenwerkingspartners, teneinde verbetervoorstellen voor het vervolg te verwerven en uit te zetten.


    Naam micro project

    Gepersonaliseerd leren: de leerling moet het tempo kunnen bepalen

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Thea Hamers, ROC Leeuwenborgh


    Wat

    Snelle en goed presterende leerlingen moeten zich in minder tijd kennis en vaardigheden eigen kunnen maken, beneden gemiddelde presterende leerlingen moeten daarentegen de mogelijkheid krijgen meer tijd te kunnen nemen om zich kennis en vaardigheden eigen te maken. Dit is in het huidige jaarklassensysteem niet mogelijk. In dit project staat de individuele leerweg van de leerling centraal.

    Hoe

    De goed presterende leerlingen, die zich de stof sneller eigen kunnen maken, zouden de opleiding in een korter tijdsbestek moeten kunnen afronden. Daarnaast zouden de minder presterende leerlingen langer over de opleiding moeten kunnen doen. Door middel van tijdschrijving, overleg, en periodieke controles van opgeleverde opdrachten wordt de voortgang van leerlingen gemonitord. De studieresultaten en motivatie van leerlingen worden in beeld gebracht en bestudeerd.



    Naam micro project

    IT Security

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    C Vrolings, ROC Leeuwenborgh

    Wat

    Het project heeft als doel in teamverband praktische vaardigheden te verwerven op het gebied van IT-beveiliging, zowel defensief als offensief. Het huidige onderwijs dat bedoeld is om netwerk- en systeembeheerders veiligheidsbewust en bekwaam te maken wordt hopeloos ingehaald door de wereldwijde professionalisering van hackergroepen.

    Het project wil een begin maken met het opheffen van de ondoorzichtigheid van de hackerscene, en de student beter voorbereiden op de risico’s op het gebied van fysieke en digitale beveiliging van een netwerk. Zo wordt er een aanval gepland op het examencentrum en wordt onderzocht of de nieuwe website die wordt ontwikkeld getest kan worden op security.

    Hoe

    Het is zaak dat de studenten weten welke tegenstanders zij hebben en hoe zij kunnen anticiperen op deze tegenstanders. Het project wordt in teamverband uitgevoerd en gaat daardoor verder dan het technische aspect van beveiliging alleen. Studenten leren potentiële aanvallers te herkennen en te volgen en ontwikkelen persoonlijke competenties die nodig zijn om (bedrijfs)netwerken beter te beveiligen.

    Tijdens het project maken de studenten een verslag van ieder deelproject, de teamsamenwerking, een presentatie, en een reflectie op het leerproces. De vakdocent, als ook de leerlingen zelf, zullen deze producen beoordelen.


    Naam micro project

    Vitaliteit

    Uitvoerende persoon, school, overkoepelende stichting

    Angelique van den Broek, ROC Leeuwenborgh

    Wat

    De maatschappij maakt een ontwikkeling door waarbij langer doorwerken onontkoombaar. Daarnaast is evident dat in de zorgberoepen met minder personeel steeds meer werk moet worden verzet. Om de mbo-zorg-student hierop zowel fysiek als mentaal voor te bereiden is het vanaf leerjaar 1 werken aan belastbaarheid noodzakelijk.

    Hoe

    Binnen het project Vitaliteit is de student 4 uur per week bezig met hun eigen gezondheid in de thema’s hygiëne, bewegen, preventie, voeding en balans. Studenten worden via modulair/projectmatig onderwijs bewust gemaakt van het belang van eigen gezondheid/vitaliteit, waarbij eigen verantwoordelijkheid een rode draad is door het gehele proces. De stap van ervaren en bewust worden is essentieel naar de gewenste gedragsverandering die wij hiermee bij de student willen bereiken.

    Middels de testjeleefstijl tool wordt er een nul-meting gedaan, waarbij iedere student op basis van 14 thema’s aandachtpunten krijgt waarmee hij binnen het project Vitaliteit gepersonaliseerd mee aan de slag kan gaan. Gedurende de opleiding zal 2x per jaar deze testjeleefstijl tool worden aangeboden om het beloop en de progressie te kunnen volgen en indien nodig bij te sturen.

    EDU_AG_LIM_LOGO_RGB.jpg